Drugs­dum­pingen en oprui­mingen


Indiendatum: 17 okt. 2024

Vraag 1.

Het college stelt dat de aanpak van (chemische) drugsdumpingen voornamelijk plaatsvindt via (integrale) controles, handhaving en bewustwordingscampagnes. Echter, gezien de blijvend hoge cijfers van (chemische) drugsdumpingen, in hoeverre kunnen deze maatregelen als effectief worden beschouwd? Welke concrete kwantitatieve doelstellingen heeft het College om de effectiviteit van deze maatregelen te meten en hoe wordt de voortgang hiervan gemonitord?

Vraag 2.

De aanpak zoals die nu plaatsvindt, blijkt in een aanmerkelijk aantal van de gevallen niet te werken, gezien het aanzienlijke aantal dumpingen dat blijft plaatsvinden. Is er een voornemen om de huidige aanpak te wijzigen of te intensiveren, en zo ja, welke specifieke maatregelen worden overwogen om de situatie te verbeteren?

Vraag 3.

Het college vermeldt dat Staatsbosbeheer geen RIEC-partner is, maar dat er op casusniveau wordt samengewerkt. Gezien het belang van natuurgebieden en biodiversiteit en het beschermen van rode lijst dieren in het buitengebied van Breda, waar veel (chemische) dumpingen plaatsvinden, waarom wordt er niet structureel samengewerkt met Staatsbosbeheer, Brabantslandschap en Waterschap Brabantse Delta, gezien hun verantwoordelijkheid voor de natuurgebieden?

Vraag 4.

Hoe verklaart u daarnaast de discrepantie dat er doorlopend gesprekken worden gevoerd met RIEC-partners, maar dat politie- en handhavingsdiensten geen specifiek advies hebben gegeven over de aanpak van (chemische) drugsdumpingen? Waarom wordt niet structureel advies gevraagd aan deze instanties om de aanpak van (chemische) dumpingen te verbeteren?

Vraag 5.

U geeft aan dat er geen actieve informatievoorziening plaatsvindt na (chemische) drugsdumpingen, tenzij er sprake is van risico’s. Waarom wordt de gemeenschap niet proactief geïnformeerd na álle dumpingen, zelfs zonder direct gevaar, om de transparantie te vergroten en de betrokkenheid van inwoners te stimuleren? Bewoners zijn doorgaans ongerust over wie er in de nachtelijke uren criminelen (chemische) drugsdumpingen uitvoeren en maken zich zorgen als de kinderen er langs fietsen naar school.

Vraag 6.

U geeft aan dat de kosten voor recente dumpingen nog niet in beeld zijn. Wat is het gemiddelde tijdsbestek dat de gemeente nodig heeft om deze kosten te bepalen, en welke maatregelen worden genomen om deze procedure te versnellen? Heeft het College overwogen om een speciaal budget op te richten voor de efficiënte afhandeling van deze kosten en het verlichten van de druk op andere gemeentelijke budgetten?

Vraag 7.

Heeft de gemeente in beeld wat de lange termijn schade-effecten zijn op de biodiversiteit en de waterkwaliteit? Hoe verhoudt zich dit tot de doelstellingen van de Kaderrichtlijn Water (KRW)?

Vraag 8.

U benadrukt samenwerking binnen het RIEC, maar welke concrete resultaten zijn voortgekomen uit deze samenwerking met betrekking tot (chemische) drugsdumpingen? Kunt u specifieke voorbeelden geven van successen of verbeteringen die direct het gevolg zijn van deze samenwerkingsverbanden? Welke resultaten zijn er geboekt op basis van de samenwerking met Staatsbosbeheer of andere partners?

Vraag 9.

Toezicht en controle door de gemeente op bedrijven zoals Strukton.Welke betrokkenheid en verantwoordelijkheid heeft de gemeente Breda in het toezicht op bedrijven zoals Strukton Milieutechniek, die zich bezighouden met het opruimen en verwerken van drugsafval en welke specifieke preventieve maatregelen en controles heeft de gemeente getroffen om ervoor te zorgen dat bedrijven die werken met gevaarlijke stoffen voldoen aan de wettelijke veiligheids- en milieueisen?

Vraag 10.

Incidenten en strafrechtelijk onderzoek rondom Strukton MilieutechniekIn hoeverre is de gemeente Breda op de hoogte gebracht van de incidenten rondom de illegale opslag van chemische stoffen door Strukton Milieutechniek? Wat zijn de gevolgen van deze incidenten en het lopende strafrechtelijke onderzoek voor de activiteiten en vergunningen van Strukton in Breda en hoe garandeert de gemeente dat bedrijven met lopende onderzoeken hun vergunningen naleven?

Vraag 11.

Vergunningen en naleving van de regelgeving Welke stappen onderneemt de gemeente Breda om te voorkomen dat bedrijven zonder de juiste vergunningen gevaarlijke stoffen opslaan op locaties binnen de gemeente? Hoe wordt gecontroleerd dat bedrijven zoals Strukton de vergunningsvoorwaarden strikt naleven, vooral in het licht van de recente onthullingen over illegale opslag en capaciteitsproblemen?

Vraag 12.

Verwerking en afvoer van drugsafval Welke concrete maatregelen neemt de gemeente Breda om te garanderen dat de verwerking en afvoer van drugsafval door bedrijven binnen de gemeentegrenzen veilig en volgens de wet verloopt? Heeft de gemeente plannen om, gezien de recente incidenten, het toezicht op deze bedrijven te intensiveren?

Antwoord 1.

Het aantal daadwerkelijke dumpingen in de praktijk betreft een zogeheten duister getal. Daarmee is en blijft de effectiviteit lastig meetbaar. De gemeente draagt zorg voor het opruimen van de aangetroffen dumpingen. Dit gebeurt in alle gevallen. Het opsporen en aanpakken van

drugsproductie is een taak van politie en het RIEC-samenwerkingsverband. Zoals wij ook in de door u in uw raadsvragen genoemde antwoorden van 29 mei 2024hebben toegelicht.

Antwoord 2.

Alleen uit het aantal aangetroffen meldingen valt niet af te leiden of de aanpak wel of niet werkt, zoals hierboven beschreven. De politie en het RIEC samenwerkingsverband hebben de aanpak van synthetische drugsproductie als speerpunt geprioriteerd. Zie ook de eerder genoemde antwoorden van 29 mei 2024.

Antwoord 3.

Genoemde partijen hebben geen structurele rol in het RIEC-samenwerkingsverband, omdat zij alleen een betrokkenheid hebben bij zaken waarin (dumpingen in) natuurgebieden een rol spelen. In de gevallen waarin deze partners een rol kunnen spelen, worden zij ook betrokken. In zoverre is dat structureel te noemen. Echter zijn zij geen vaste partner aan de RIEC-tafel, omdat zij in het merendeel van de RIEC-casuïstiek geen rol spelen.

Antwoord 4.

De politie adviseert niet, maar is zelf verantwoordelijk voor de aanpak van chemische dumpingen. Zij is zelf tevens RIEC partner en maakt daarmee onderdeel uit van het samenwerkingsverband. Zij adviseren en helpen haar mede RIEC-samenwerkingspartners in het herkennen van situaties die kunnen wijzen op synthetische drugsproductie. Zie ook de eerdergenoemde antwoorden van 29 mei 2024. Wanneer chemicaliën dumping of (wederrechtelijke) opslagvan chemicaliën wordt geconstateerd, draagt de gemeente zorg voor het opruimen daarvan.

Antwoord 5.

Natuurlijk is er naast het belang van opsporing en milieubescherming ook oog voor de onrust die kan ontstaan in een straat of wijk, na het aantreffen van een drugsdumping. Politie, of gemeentelijke handhaving zijn daarom altijd bij een vondst zichtbaar aanwezig en benaderbaar. En als er behoefte is vanuit de wijk aan meer toelichting kan dit kenbaar worden gemaakt bij de gemeente via de reguliere kanalen. We kunnen dan bijvoorbeeld met de informatie-keet van de Boa's ter plaatse extra toelichting geven. Dit doen we niet op voorhand bij iedere vondst, maar informatie/vraaggestuurd. Indien er een (acuut) gevaar dreigt voor omwonenden wordt uiteraard wel direct overgegaan tot het adequaat informeren van omwonenden of belanghebbenden.

Antwoord 6.

De kosten voor het opruimen van drugsdumpingen vallen binnen het totaal van calamiteiten in de openbare ruimte, waaruit naast het opruimen van drugsdumpingen ook het verwijderen van bijvoorbeeld oliesporen en het veiligstellen van de openbare ruimte bij een storm worden bekostigd. Indien dit niet toereikend is dan komen de kosten niet alsnog

ten laste van andere gemeentelijke budgetten maar vormen uiteindelijk een overschrijdingspost binnen het totaal van de jaarrekening. En maken onderdeel uit van het risicoprofiel. Mocht een jaarrekening negatief sluiten (plussen en minnen) dan komt de totale overschrijding ten laste van de algemene reserve. Daarbij is het gelet op de fluctuaties in kosten (hoeveelheid en omvang dumpingen laat zich lastig bepalen evenals het verhaal) niet eenvoudig een en ander realistisch te begroten vandaar dat het deels wordt ondervangen door het risicoprofiel.

Antwoord 7.

De drugsdumpingen worden geheel gesaneerd en hebben op de langere termijn geen effect op de waterkwaliteit en dus ook niet op de doelstellingen van de Kaderrichtlijn Water. Bij een dumping bestaat wel de kans op een verontreiniging. Het is dus zorg dat bij een dumping zo snel mogelijk de situatie wordt geïsoleerd. Met het isoleren wordt gezorgd dat de verontreiniging niet groter wordt. Daarna wordt de verontreiniging geanalyseerd en kan er worden geacteerd om de verontreiniging op te ruimen.

Antwoord 8.

De samenwerking in het RIEC-verband ziet vooral op de opsporing van drugsproductie/dumpingen en het vervolgen van de daders. Vrijwel iedere ontdekking van een drugslaboratorium, chemicaliënopslag, of -dumping is tot stand gekomen door samenwerkende RIEC-partners, ofwel is het opsporen en vervolgen van verdachten hiervan een onderdeel van de samenwerking door de toepassing van strafrecht, fiscaalrecht en bestuursrecht. Inzake samenwerking met Staatsbosbeheer bestaat de samenwerking uit het coördineren van de opruimwerkzaamheden (de wijze waarop te saneren in een bosgebied). Bovendien zijn de mensen van Staatsbosbeheer de ogen en oren in het gebied. Zij constateren en melden dumpingen, die de gemeente kan opruimen/saneren.

Antwoord 9.

Strukton werkt (privaatrechtelijk) in opdracht van de gemeente Breda. Een opdrachtgever heeft uiteraard de verantwoordelijkheid om toe te zien op het nakomen van afspraken gemaakt met een partij. Daaronder valt ook dat

de opdrachtnemer op een veilige en verantwoorde wijze haar werkzaamheden uitvoert. Publiekrechtelijk gezien heeft de Omgevingsdienst Midden West Brabant de taak, namens de gemeente, om toe te zien op het naleven van relevante milieu wet- en regelgeving. Strukton heeft een oprichtingsvergunning uit 2022. In de vergunning zijn voorschriften opgenomen voor het op- en overslaan van gevaarlijke stoffen (waaronder drugsafval). Na (om)verpakking moeten deze gevaarlijke afvalstoffen worden afgevoerd naar een erkend verwerker. Het bedrijf is hierop in 2023 gecontroleerd. Tijdens deze controle zijn geen overtredingen geconstateerd.

Antwoord 10.

Ook wij hebben kennisgenomen van de berichten in de media rondom Strukton. Daarbij betreft het lopende strafrechtelijke onderzoeken. Waarover wij verder geen uitspraken doen. De incidenten kunnen wel effect hebben op de wijze en frequentie van het toezicht vanuit onze Omgevingsdienst en uiteraard vanuit onze rol als privaatrechtelijke opdrachtgever. Naast het reguliere toezicht, is bijvoorbeeld specifieker en meer toezicht en administratief onderzoek op dit soort bedrijven een mogelijkheid, echter blijft het een moment opname. Graag verwijzen wij u hierbij ook naar het antwoord op vraag 9.

Antwoord 11.

Indien er signalen zijn van een mogelijk illegale situatie dan kan worden besloten om op een korte termijn een extra controle uit te voeren. Indien het bedrijf in overtreding is, zal deze overtreding conform de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht gewogen worden om te kijken welke aanpak geschikt is. Overtredingen kunnen zowel bestuurs- als strafrechtelijk wordt aangepakt vanuit de verschillende publieke partners.

Antwoord 12.

Graag verwijzen wij u hier naar de antwoorden als gegeven op de vragen 9, 10 en 11.

Interessant voor jou

vervolg artikel 9 vragen Lage Vucht Polder

Lees verder

Dode Zwanen Westerpark

Lees verder

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer